Grote overstroming van Iguaçu rivier, Curitiba, januari 1995


(André de Meijer, 13/02/2019)

 

VERSLAG 07/02/1995

 

Vrijdag 6 januari 1995.

Na vrij lange droogte eindelijk regen.

 

Zaterdag 7.

De Iguaçu rivier is buiten haar oevers getreden en om 16 u, als ik naar het huis van Natalia vertrek, staat de rivier op het punt om het toegangsweggetje tot het reservaat te overstromen.(a) Ik voelde me tóch gerust, want ik bij de vorige grote overstromingen had ik ervaren dat, als het water blijft stijgen, het nog anderhalve dag duurt voor het de drempel van mijn vertrekken overstroomd. Ik had dus genoeg tijd voor het eventueel in veiligheid brengen van mijn spullen. Bovendien hebben de grote overstromingen (1983, 1990, 1993) altijd in de winter plaatsgevonden en nu was het zomer.

 

Zondag 8.

Om 10 u arriveer ik samen met Natalia bij het reservaat. Een ramp: alles is overstroomd! In mijn kantoortje staat het water al boven de onderste boekenrij en het heeft juist de onderrand van mijn tweede boekenplank (mycologie!) bereikt. Vlug plaatsen Natalia en ik alles 40 cm hoger. In mijn slaapkamer drijven het tapijt en de matrassen en dekens reeds op het rivierwater. In het keukentje staat het water 30 cm hoog en de motor van de koelkast bevindt zich al onder de waterspiegel. Het iets hoger gelegen vloertje in het museumgebouw, waar ik mij bij de vorige grote overstromingen – met mijn spullen – heb kunnen terugtrekken, staat eveneens onder 20 cm water. Dit vloertje is nooit eerder overstroomd en dit keer staat het tijdelijk vol met huisraad (koelkast, wasmachine, televisie, meubels, encyclopedie, etc.) van vriend Alvaro Milanez (hij heeft nog geen definitieve woonplek gevonden na van zijn vrouw te zijn gescheiden, die met beider zoon in hun woning is gebleven). Ook het kantoor van Rosalba Zacalusni en Ozeas staat reeds blank (dit is nooit eerder gebeurd) en zelfs in het op pilaren gebouwde, nóg hoger gelegen en door Messala betrokken huisje, staat al 10 cm water. Ook de doos met spullen die de geograaf Mark Snethlage mij in bewaring heeft gegeven (wegens zijn tijdelijke terugkeer naar Nederland), staat reeds onder water (bevat geneesmiddelen, enkele documenten, schrijfmateriaal, wat kleren, enkele boeken, cassetteband die interviews bevat, etc.). Hoe zal ik dit aan Mark moeten uitleggen? Ik heb snel Alvaro opgebeld. Toevallig belt ook Marcos Bornschein, welke zich zorgen maakt wegens de berichten die hem nu al omtrent de overstroming hebben bereikt. Marcos biedt zijn hulp aan.

De voorlangs het reservaat lopende grote autoweg Avenida Comendador Franco staat blank en is reeds afgesloten voor verkeer. In de wegberm is de grote cactus, Cereus hildmannianus, omvergeslagen.

Korte tijd later komt Alvaro opdagen en ook Marcos met zijn vader Fred (een dominee) en zijn zus Karin. Messala is ondertussen ook thuisgekomen. Om ons te bereiken moeten ze allemaal wadend een traject van 150 m afleggen, met water tot op borsthoogte. Iedereen helpt met het vervoeren van de kolossale lading van mijn doorweekte tijdschriften, notities, enkele boeken, dikke stapels correspondentie (met Tjakko Stijve en met Georg Sobestiansky, allebei met veel kleurenfoto’s) en helpen ook nog met het buiten het bereik van het water tillen van de zware apparatuur van Alvaro. Mijn natte spullen worden in de auto van Fred geladen en in hun garage zullen we later proberen om alles te drogen. Natalia en ik blijven alleen achter om nog meer boeken en materiaal te verplaatsen, want het water blijft stijgen. In totaal verblijven we 7 u in het water. De buitenmuren van de gebouwen zitten vol met kleine ongewervelde vluchtelingen, waaronder duizenden pissebedden en ook veel hooiwagens en giftige spinnen (Loxosceles sp. en Lycosidae sp.). Nadat we al mijn spullen veilig veronderstellen vertrekken we naar Marcos & Bianca. Bianca (Reinert) heeft al een heleboel van mijn natte kleren gewassen en ook mijn lakens en het tapijt en Marcos is al redelijk ver gevorderd met het over de ruime garagevloer uitspreiden van mijn natte papieren. Hij heeft de droogstoof en haardroger van zijn ouders geleend, als hulpmiddelen. De haardroger blijkt erg nuttig om de natte pagina’s van mekaar los te blazen. Marcos blijkt zich vooral te hebben beziggehouden met het redden van mijn Methuen Handbook of Colour. Het boek is geheel doorweekt, maar er is gelukkig geen slijk tussen de pagina’s gekomen. Ik ga nog een groot deel van nacht door met het uitspreiden van de natte papieren. Daarna vertrek ik met Natalia naar haar huis, waar ik de rest van de periode van overstroming mijn intrek zal nemen. Clovis Borges (voorzitter van de S.P.V.S.) belde eveneens; ook hij maakt zich zorgen om mijn hebben en houden.

 

Maandag 9.

De hele nacht blaast een koude wind en gelukkig valt er geen regen. s ‘Morgens zijn Natalia en ik opnieuw naar het reservaat gewandeld. Het water blijkt te zijn gestegen: het staat al 90 cm hoog in mijn vertrekken. We zijn opnieuw 3 u bezig (tot 12 u) met het verplaatsen en in veiligheid stellen van nog meer materiaal. Natalia krijgt een pijnlijke beet in haar hand en denkt dat het een gifspin is geweest. Haar hand en vingers zwellen enorm en het afdoen van haar ringen kost ons veel moeite.

Messala is gistermiddag vertrokken (samen met Alvaro), om gedurende deze overstromingsperiode zijn intrek te nemen bij zijn Hare-Krishna vrienden, die een nederzetting hebben in de buurgemeente Pinhais. Maar hij blijkt zijn vertrek helemaal niet te hebben voorbereid en Natalia en ik hebben veel werk met het veilig stellen van zijn papieren en kleren. Voor het kantoor van Rosalba & Ozeas geldt hetzelfde. We zien een grison-marter (Galictis cuja) voorbijzwemmen. Aan de overkant van de rivier huilen enkele loslopende koeien. In het lisdoddenmoeras horen we hartverscheurende kreten van wat een dier in doodsnood lijkt te zijn. De afgesloten Avenida Comendador Franco is een publiekstrekker geworden, wegens het goede uitzicht van daaruit over het geïnundeerde landschap. Het uit het zuiden van Brazilië komende verkeer wordt nu via andere wegen omgeleid, wat in kolossale files heeft geresulteerd. s ‘Middags vertrekken Natalia en ik naar Marcos & Bianca, waar ik weer hele middag bezig ben met het drogen van papieren, profijt trekkend van het overwegend zonnige weer. Op het eind van de middag moet ik in allerijl alles weer naar binnen brengen, want het begint opnieuw te regenen. Marcos & Bianca hebben Natalia al naar een gemeentelijke gezondheidspost in de buurt gebracht. Zij komt daar pas na drie uur wachten aan de beurt en men concludeert dat het geen spinnenbeet geweest kan zijn. Ze wordt naar de apotheek doorverwezen voor de aanschaf van een geneesmiddel. (Het kwam daarna gelukkig gauw weer goed met haar.)

 

Dinsdag 10.

Het regent de hele nacht door. s’ Morgens, bij mijn vertrek van Natalia’s huis, ontmoet ik een beambte van de nabijgelegen SANEPAR water opvang- & behandelingsinstallatie. Dit gebouw ligt slechts 3 km stroomopwaarts van het reservaat. De man beweert dat sedert gistermiddag het waterpeil van de Iguaçu opnieuw 40 cm is gestegen en dat als het nog enkele centimeters stijgt de transformator van de installatie zal overspoelen en 60 % van de metropool-regio van Curitiba zonder drinkwater zal komen te zitten.

Mede vanwege zijn prognose concludeer ik dat het nodig is mijn spullen te evacueren en ik zal dus moeten proberen ergens een boot te lenen. Gedurende de hele morgen bel ik om het uur beurtelings naar Alvaro en naar de S.P.V.S., om te zien wie het eerst een boot voor me te pakken kan krijgen. Ik krijg Clovis (S.P.V.S.) pas om 12 u aan de lijn (hij is net terug van een vergadering) en om 14 u bericht hij me dat een vriend van zijn vader een aluminiumboot voor ons klaar heeft liggen. Om 17 u laden we die boot op Clovis’ auto en rijden vervolgens met vier auto’s (van Alvaro, Clovis, Marcos en Mauro Pichorim) naar het reservaat. Met vierkoppige bemanning roeien we onder stromende regen het reservaat binnen. Alvaro en Bianca blijven achter om op de auto’s te passen. Bij mijn kantoor en andere vertrekken aangekomen constateer ik dat de waterstand precies dezelfde is als gisteren op het middaguur, ondanks dat het sedert gisteravond continu heeft geregend. Voor de veiligheid tillen we toch nog maar weer een heleboel spullen een stuk hoger en besluiten een deel van mijn papierbestand in de boot te laden, want stel je voor dat door het drukkende en ondermijnende water de muren het begeven. Een aantal buitendeuren, o.a. die van mijn kantoor, zijn door het water zó uitgezet dat ze niet meer sluiten. Ook deze lading papier wordt met de auto naar Marcos’ garage getransporteerd.

De krant bericht dat er vanaf afgelopen zaterdag tot zondag in 24 u in Curitiba maar liefst 121 mm regen is gevallen.

 

Woensdag 11.

Het heeft de hele nacht gewoon doorgeregend. Opnieuw naar Marcos huis gegaan en een groot deel van de dag met mijn natte papieren en de haardroger in de weer geweest. Het motregent nog steeds, dus opnieuw heb ik het papier niet buiten kunnen uitspreiden; op deze manier vorder ik nauwelijks. In de namiddag zijn Natalia en ik opnieuw naar het reservaat getogen, dit om de plek te controleren, want tijdens dergelijke overstromingen plegen dieven met bootjes op pad te gaan. Om die reden wordt in het geïnundeerde gebied door de politie nu intensief gepatrouilleerd. Veel van de tijdelijke daklozen waken zich tegen diefstal door te kamperen op een hoger gelegen plek om van daaruit hun ondergelopen huis in de gaten te houden. Vlakbij het reservaat zitten nu veel mensen langs de spoorrails, omdat men daarvandaan een goed uitzicht heeft over het rampgebied. Sommigen kamperen op het dak van hun geïnundeerde huis.

 

Donderdag 12.

s’ Middags heb ik met Natalia en haar vriendin Claudete met dochtertje wat rondgelopen in het overstromingsgebied. Ook bezoeken we de voor de helft ondergelopen dierentuin. Alle dieren zijn reeds naar hoger gelegen terrein verhuisd, maar men is nog bezig met het vangen van de zwanen, omdat die nu bijna over het hek rechtsreeks de Iguaçu rivier in kunnen zwemmen.

 

Vrijdag 13.

Eindelijk eens een middag zonder regen. Ik krijg zelfs wat hulp van de zon. Daardoor weer iets gevorderd met het drogen van mijn papier in huize Marcos.

 

Zaterdag 14.

s ‘Morgens weer met Natalia naar het reservaat gewandeld. Het waterniveau blijkt 5 cm te zijn gedaald sedert woensdag. Buren uit de slopwoningen berichten ons dat een van hen gisteren is verdronken bij een poging om naar haar huisje te waden om de achtergebleven hond en kat voedsel te brengen. In dit gebied kunnen de mensen niet of nauwelijks zwemmen.

Vlak vóór het reservaat wordt juist een auto uit de nog steeds overstroomde Avenida Comendador Franco getakeld. Deze auto werd gisteravond gestolen in de stad en de dieven hadden pech want de politie ging meteen in de achtervolging. Wegens de ten gevolge van de watersnood gecreëerde tijdelijke omleidingen stonden er echter bij de kruisingen politiemannen opgesteld. Daardoor zagen de bandieten zich verplicht de Avenida Comendador Franco aan te houden, ondertussen pistoolschoten wisselend met de achtervolgende politie. Ter hoogte van het reservaat reden ze pardoes het water in en gingen kopje onder. Twee van de bandieten werden op een tijdelijk “eilandje” iets verderop gevangen genomen, terwijl de andere twee niet zijn gevonden en wellicht zijn verdronken.

 

Zondag 15.

Even langs geweest op de zondagse vlooienmarkt in Curitiba, om te zien of Messala daar te vinden is (hij heeft er een kraampje om zijn zelfgeproduceerde mandala’s en batik te verkopen), want ik heb niks meer van hem gehoord sedert zijn vertrek uit het reservaat een week geleden. We treffen hem daar inderdaad aan en het leven bij de Krishna’s blijkt hem goed te bevallen. Hij beweert sinds zondag een paar keer ter controle terug in het reservaat te zijn geweest.

Daarna weer naar huize Marcos getogen om me de rest van de dag met mijn nog steeds niet voldoende gedroogde papieren bezig te houden.

 

Dinsdag 17.

Het waterniveau is de afgelopen dagen blijven zakken en afgelopen nacht zijn mijn vertrekken eindelijk drooggevallen. Maar rondom het gebouw staat alles nog onder water. Op de beslijkte vloer van mijn kantoor tref ik twee nog levende vissen aan, in de onderste lade van mijn archiefkast (gedurende de overstroming door mij leeggehaald) één dode vis, op het gangpad voor mijn vertrekken twee levende vissen en in een aan de binnenmuur van het museum opgehangen visnet zeven dode vissen. Alle twaalf behoren ze tot dezelfde soort, een meervalletje van de Callichthyidae. Ook nog een dode rat aangetroffen in de gootsteen en een dode rat in het kantoor van Rosalba & Ozeas. Gedurende de hele dag ben ik met een waterslang aan het schoonmaken, want binnen en buiten bevindt zich overal een spekgladde sliblaag. Mijn bureau van spaanplaat blijkt helemaal vernield en mijn stoelen met zittingen van schuimplastic zijn opgezet als sponzen. Miljoenen dode regenwormen overal. Dit was de grootste overstroming die ik hier ooit meemaakte en de waterstand was zó hoog dat in het museum alle vitrines overspoeld zijn geweest. Mijn kleine collectie korstmossen en mossen van het reservaatje en mijn zeewieren van het Ilha de Santa Catarina (alles door specialisten gedetermineerd), die ik daarin had uitgestald, zijn bedorven. Al het materiaal van prof. Bigarella (stenen, mineralen, fossielen, archeologische vondsten, strandschelpen, etc.) zit nu onder een modderlaagje. Ik probeer de koelkast uit en die blijkt warempel nog te functioneren!

Overal hangt een zurige geur, sterk herinnerend aan die van het ingekuilde suikerbietenloof waarmee mijn vader s’ winters de stieren voedde die op de boerderij werden gehouden voor de vetmesterij.

De in de nabijheid van het museumgebouw aangeplante ligusters (Ligustrum lucidum) hebben enorm geleden onder deze lang durende overstroming. Ze laten hun blad massaal vallen, maar het is nog niet te zien of ze het loodje hebben gelegd.

 

Woensdag 18 en de volgende dagen én weken.

Het waterniveau daalt langzaam (woensdag 18), maar de vanwege de stroming tegen de naast het reservaat gelegen Iguaçu brug opgehoopte gigantische hoeveelheid drijvend afval kan er nog steeds niet onderdoor wegvloeien. De halvemaanvormige afvalplak bevat negen lijken van grote dieren (schaap of groter) en verder een gigantische hoeveelheid plastic (m.n. flessen van schoonmaakmiddelen en limonadeflessen van 2 liter), stukken geëxpandeerd polystyreen, autobuitenbanden, etc. De schoonmaak van mijn vertrekken, het helpen bij de schoonmaak van andermans vertrekken, het drogen van materiaal van mijzelf en de anderen, het timmeren van tafels als onderstel voor mijn boekenkast, archiefkast e.a. (zodat alles buiten het bereik van toekomstige overstromingen blijft), reorganisatie van mijn bezittingen, enz., heeft me beziggehouden tot 31 januari. Pas op 1 februari kon ik eindelijk weer met pen en papier aan de slag.

 

Resumerend kan ik alleen maar stellen dat ik, ondanks alles, het er toch tamelijk goed van heb afgebracht…

– dankzij de hulp die enkele vrienden me vanaf het begin hebben geboden;

– dankzij het feit dat het zomer was. Want in de winter had ik, vanwege de korte dagen en het zwakke zonnetje, mijn papieren niet droog kunnen krijgen en zou dus véél meer materiaal verloren zijn gegaan;

– óók, en dat zal vreemd klinken, dankzij een eerder ontstane situatie van onveiligheid ter plekke. Rond de Kerst twee jaar geleden werd namelijk de politiepost in het reservaat voorgoed gesloten. Vanwege de daaruit voortvloeiende risicotoestand heb ik toen mijn enorme verzameling van paddenstoelenexsiccaten, mijn bureauladen vol oorspronkelijke paddestoelenbeschrijvingen en ook het grootste deel van mijn correspondentie, elders in Curitiba in veiligheid gebracht.

Natalia en de anderen die me hier hebben geholpen, zijn gelukkig niet ziek geworden (kregen zelfs geen verkoudheid). Iedereen was zich welbewust van de gezondheidsrisico’s, vooral de kans om leptospirose op te lopen, een via de urine van ratten en muizen overgebrachte bacterieziekte die altijd goed gedijd tijdens overstromingen.

In het reservaat heeft de overstroming ook enkele positieve aspecten gehad:

– normaal gesproken wemelt het hier in deze tijd van het jaar van de muggen, maar tijdens de overstroming waren er heel weinig.

– tijdens de zeer langdurige droogte van afgelopen winter zijn in de grote plas alle slikken overgroeid geraakt en toen de steltlopers dit voorjaar terugkwamen van de Noord-Amerikaanse toendra, konden ze daar niet meer terecht om voedsel te zoeken. Deze langdurige overstroming heeft de slikken weer ontbloot en op 1 februari telde ik alweer 50 stuks van de kleine geelpootruiter (Tringa flavipes).

 

Tot nu toe had ik het enkel over het reservaat en de directe omgeving daarvan. Hierna gaat het over de wijdere omtrek:

– Tijdens de periode 1-19 januari 1995 is in Curitiba 424 mm regen gevallen, méér dan het historische record voor de gehele maand januari.

– Tijdens de overstroming die dit tot gevolg had zijn in Curitiba 16 mensen verdronken en 4 zijn gestorven aan andere met de watersnood verband houdende oorzaken.

– In de metropool-regio van Curitiba maakte de overstroming 40.000 slachtoffers en meer dan de helft daarvan werd tijdelijk dakloos. Van die daklozen werden er 6500 opgevangen in openbare gebouwen (scholen, crèches, sporthallen, kerken, gemeenschapscentra) en de rest kreeg onderdak bij familie en kennissen.

– Heel veel slachtoffers, onder wie ikzelf, zijn er vrijwel zeker van, dat de ongekend snelle stijging van het waterniveau van zaterdag 7 op zondag 8 januari, alleen maar kan zijn gekomen doordat het volgende is gebeurt: de poorten van het stuwmeer in het waterwingebied in de bergen werden geopend, uit angst dat de damwand zou breken. De overheid ontkent dat ze dit hebben gedaan. In de regio van Curitiba zijn het alleen de armen die in het overstromingsgebied wonen (om op een hoger gelegen, veiliger plek te kunnen wonen, moet je kunnen betalen). Door deze zeer snelle, onaangekondigde overstroming hebben die mensen geen tijd gehad om hun schaarse goed in veiligheid te brengen en verloren ze dus vrijwel alles. Deze periode van overstroming heeft erg lang geduurd (twee weken) en toen het water zakte en men eindelijk eens een kijkje kon gaan nemen, waren veel zaken al bedorven en bovendien zat alles onder een laag slijk. De gemeente heeft na afloop in de sloppenwijken overal afvalcontainers neergezet, die werden volgepropt met kleren en meubilair. Dit is een ongekende situatie, omdat er voor deze mensen onder normale omstandigheden geen afval bestaat en alles wordt hergebruikt of ingezameld voor de verkoop (plastic, papier, etc.). Meteen bij aanvang van de overstroming zijn gemeentes en particuliere instellingen begonnen met het voor de slachtoffers inzamelen van voedsel, kleren, dekens, matrassen, meubilair, etc., wat uiteindelijk 25 ton heeft opgebracht aan geschonken materiaal.

– Alleen al in Curitiba wordt de uiteindelijke schade op 35 miljoen dollar geschat. Maar afgezien van de deelstaat Paraná strekt het rampgebied zich uit over een groot deel van de staten Santa Catarina, São Paulo e Mato Grosso do Sul. Overal is veel schade aan wegen (weggedeeltes verzakt of in de afgrond gestort; bruggen weggeslagen). Ook de landbouwers leden natuurlijk enorm veel schade en de zwarte bonenoogst ging geheel verloren.

– Op 21 januari stond de Iguaçu-rivier bij het stadje União de Vitoria (in vogelvlucht 200 km van Curitiba stroomafwaarts) 7 m boven normaal en was nog steeds ietsje stijgende. In Curitiba was de situatie toen al enigszins genormaliseerd.

Het spektakel wat de watervallen van Foz do Iguaçu tijdens deze regenperiode hebben geboden kun je je wel voorstellen.

– Ter voorkoming van toekomstige overstromingen gaat de gemeente Curitiba beginnen met het uitbaggeren van de Iguaçu en de deelstaat Paraná gaat meteen beginnen met het graven van een nieuw 15 km lang kanaal, wat iets achterlangs het reservaat zal lopen en stroomafwaarts in de Iguaçu moet uitmonden. Omdat de staatsgouverneur (Lerner, ex-burgemeester van Curitiba) en de huidige burgemeester van Curitiba van dezelfde politieke partij zijn, valt te verwachten dat ze samen zullen werken.

– Op 7 februari werd in de krant bericht dat in de metropoolregio van Curitiba 26 mensen met zekerheid leptospirose hebben opgelopen en bij 168 anderen moet dit nog worden bevestigd.

– In de buurstaat São Paulo is de januari-overstroming begin februari gevolgd door een nieuwe. Op 7 februari (krantenbericht) had die laatste al 25 dodelijke slachtoffers gemaakt in de metropool regio van São Paulo City.

 

(a) reservaat = Reserva Ecológica do Cambuí (‘Cambuí’ Ecologisch Reservaat), mijn woonplek van mei 1979 tot mei 1980 en, opnieuw, van november 1983 tot juli 2000. Adres: Av. Comendador Franco 9555. Coördinaten:  25º30’22,62″Z / 49º12’11,01″W.

Deixe um comentário